Kinesitherapie (9)

Ik wenste dat ik een behoedzame loper was die continu zijn grenzen respecteert. Helaas was het dit jaar af en toe running on the edge om mijn grote doel te halen, UTMB uitlopen. Twee weken daarvoor nog een zware 100 km trail bestieren bij onze Waalse vrienden was niet de meest verstandige zet. Twee weken nà UTMB zin hebben om In Flanders Field Marathon een bezoek te brengen als mijn alter ego Ann-Sophie (wiens nummer ik had afgekocht), was nog een tikkeltje dommer. En helemaal debiel was het om daar heel snel te starten, zowel voor mijn gestel tijdens de loop als achteraf.

Kortom, ik solliciteerde voor blessuurtjes en ik heb ze gekregen ook. Sinds maanden zeurt er een pijntje in de liesstreek, maar nooit in die mate dat ik er veel aandacht aan schonk. Nu mijn doel is gehaald, was er tijd om daar eens met de loupe naar te kijken. De onderste, lage of diepe buikspieren zijn ietwat ontstoken, vermoedelijk overbelast van al dat berggeweld en het kilometers vreten. De dokter schreef kine voor.

Ik heb een haat-liefde relatie met kinesisten. Liefde, omdat ik in het verleden, dankzij hun behandeling, heel goede resultaten heb geboekt: in tijden dat mijn voorste kruisband was gescheurd (tot drie maal toe) heeft de intensieve behandeling zijn vruchten afgeworpen. Maar ook kleinere blessures werden met succes behandeld en ik kom altijd sterker en slimmer uit een kine-periode.

Haat, omdat het lichaam wordt gefolterd om tot die resultaten te komen. Pezen worden gerekt of bekneed, intensieve kracht- en stretchoefeningen verleggen de lichaamsgrenzen. Ik heb nog in de behandeltafel gebeten en geklopt om de aandacht af te leiden van mijn been dat tot ver over zijn bereik werd geplooid. Bovendien vraagt elke kinebeurt tijd. De eerste keer valt het nog wel mee, maar bij elke nieuwe visite wordt het lijstje met oefeningen steeds langer tot het lijkt dat je avonden gevuld zijn met kine en niets anders. Alsof het een passionele hobby betreft.

Dus hier was ik weer, de vertrouwde en gehate omgeving. Zoals thuis komen. Terwijl er ruzie in het gezin is. Nu ik daar toch was, heb ik maar meteen eens heel goed geluistervinkt naar mijn lichaam: de zijkanten van de schenen doen wat zeer, maar dat zijn gekende pijntjes van vroeger en ze zijn niet zo erg als destijds. Het heeft te maken met het heffen van de voet, iets wat al eens nodig is tijdens het lopen, en ik weet dat die vanzelf verdwijnen na verloop van tijd, als ik me een beetje gedeisd houd. Iets ernstiger en luidruchtiger is de pijn in mijn voet, vooral rechts dan. Die voel ik zelfs bij het stappen. Alsof mijn voet doortrapt voelt, ik kan het niet anders omschrijven.

Een van de kinesisten onderzocht mijn lies tijdens het eerste bezoek. Er werd langs alle kanten aan mijn lichaam getrokken, maar bijna nooit voelde dat pijnlijk. Ik begon al te vrezen dat ze op mijn diagnoseblad “hypochonder” zou schrijven, maar volgens haar waren het toch de diepe buikspieren en die gingen we vooral extra trainen. Lopen mocht ik ondertussen blijven doen. Juij.

De beurt daarop werden er zwaardere oefeningen uitgedeeld en werd ik al een beetje meer pijn gedaan. Ik vond dat goed, zo gaan we rapper vooruit! De derde keer was het een jongeman die zich voorstelde als familie van mij, een Vereecken. Het bleek de zoon van mijn neef te zijn, en het zegt iets over de hechte familiebanden dat zijn naam niet direct een belletje deed rinkelen. Maar dat het een echte Vereecken was, had ik snel door.

Het begon al met strekoefeningen in buiklig die de vertrouwde bijtreflex weer opwekten. Vervolgens onderzocht hij mijn voet grondig en begon gitaar te spelen op de ontstoken pees in mijn voet. Ondertussen maakte hij een praatje met me en stelde allerlei vragen, vermoedelijk een beproefde techniek om de aandacht van de patiënt af te leiden van het lijden. Het hielp niet. Ik maakte halve zinnetjes, voegde uitroeptekens toe waar het niet nodig was en articuleerde heel slecht. Soms splitste ik woorden.

Naast de stretchoefeningen die ik verondersteld word mezelf aan te doen, leidde hij me naar een oefenbank die in de aangrenzende fitness stond. Het zag er uit als een foltertuig, en het was er ook een. Ik moest met gestrekte benen tussen de twee uiteinden zitten (leuning aan de ene kant, voeteinden aan de andere kant) en vervolgens moest ik met een hendel die afstand korter maken. Gevolg: een pijnlijk trekken aan de onderkant van mijn knieën en aan de pezen van de voeten. Aldus 3 x 15 seconden aanhouden alstublieft.

We sloten af met stroom jagen door de pijnpees, net tot aan de grens dat het draaglijk was. Ik denk dat je als kinesist een gereïncarneerde beul moet zijn om je medemens zo te folderen, terwijl je jezelf voorhoudt dat het voor zijn bestwil is. Ik ben blij dat ze bestaan.

– 816 words -

Author: Martin Vereecken

Share This Post On

1 Comment

  1. Hahaha, grappig :) Voor de lezers toch anyway ;)

    Post a Reply

Submit a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

68 − = 58

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>